home_b1.jpg

Nederland viel als een blok voor Beethoven

In De Volkskrant van 20 augustus 2020 interviewt Merlijn Kerkhof Emanuel Overbeeke, de auteur van het boek Nederland en Beethoven.

Het is dit jaar 250 jaar geleden dat Ludwig van Beethoven (1770-1827) geboren werd, maar door de pandemie zijn weinig feestelijkheden doorgegaan. De boeken blijven gelukkig wel verschijnen. De nieuwste toevoeging aan de Beethoven-bibliotheek heet Nederland en Beethoven en is geschreven door Emanuel Overbeeke. Het boek – het tiende van de Utrechtse musicoloog – is een zogenoemde receptiegeschiedenis: hoe is de componist hier gewaardeerd? 
‘Het viel mij op dat Beethoven vanaf het begin van de 19de eeuw al direct in beeld is. En dat hij dat ook is gebleven’, zegt Overbeeke. ‘Ik kan weinig kandidaten bedenken voor wie in Nederland zo lang structureel belangstelling is. Eigenlijk alleen Rembrandt en Willem van Oranje.’

Wanneer wordt zijn muziek hier voor het eerst gespeeld?
‘De eerste concertaankondiging die tot nog toe bekend is, dateert van maart 1804. De Groninger Courant schrijft over een uitvoering van een ‘Grote en nieuwe Simphonie’, vermoedelijk de tweede, in de ‘Ordinaire Concert Zaal’. Het is duidelijk dat hij al snel als de beste componist van die tijd wordt gezien. Alleen voor de stukken van na circa 1815 is weinig animo, omdat de moeilijkheidsgraad over het algemeen hoger is. Beethoven trok zich niets aan van de speelbaarheid.’

Beethoven bezocht Nederland ook zelf.
‘En het kan zijn dat hij toen ook al eigen werk speelde. Hij heeft als twaalfjarig wonderkind opgetreden in Rotterdam, vermoedelijk in een rijkeluiswoning, en in Den Haag, voor stadhouder Willem de Vijfde. Hij kreeg daar meer betaald dan de andere musici, maar vond het bedrag beledigend laag. Ook toen hij in 1809 een onderscheiding kreeg van het Koninklijk Nederlandsch Instituut van Wetenschappen, Letterkunde en Schoone Kunsten, was hij niet te spreken over Nederland, omdat in zijn ogen mindere componisten die onderscheiding ook kregen.’

Kunnen we de bewering dat Beethoven in Zutphen zou zijn geboren definitief naar het rijk der fabelen verwijzen?
‘Dat denk ik wel. Er is geen enkel bewijs voor. Het is interessant om te zien wanneer die theorie opduikt. In 1836 schrijft iemand in een boekje dat Beethoven in Zutphen zou zijn geboren. Nederland had Beethoven altijd kunnen toe-eigenen: zijn grootvader kwam uit Mechelen, was dus Vlaams, dus Nederlands. Maar in 1830 had België zich afgescheiden van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, dus verloren we ineens allerlei grote componisten. Dat deed het zelfbeeld geen goed.

‘De theorie werd toen het boekje uitkwam al niet serieus genomen. Maar er zijn wel gekke dingen rond de geboorte. In Bonn, waar hij vandaan kwam, werd alleen de datum van doop geregistreerd. Beethoven dacht dat hij in 1772 was geboren. Mogelijk had zijn vader over zijn leeftijd gelogen om hem net wat overtuigender als wonderkind te kunnen presenteren.’

 
Waarom viel Nederland voor Beethoven?
‘Dat zijn muziek van uitzonderlijke kwaliteit is, werd overal in Europa wel erkend; hij sprong er echt tussenuit. Maar wat zeker hielp, was dat Beethoven Duits was. Er was door de Franse bezetting begin 19de eeuw een anti-Frans sentiment. Nederland was muzikaal gezien een provincie van Duitsland, en men was daar trots op.

‘Wat je ten tijde van de verzuiling ziet gebeuren, is dat iedere groep zich op haar eigen manier met Beethoven gaat identificeren. Voor de hoge burgerij was Beethoven de man van de evenwichtige vormen die grootse gevoelens verklankt, voor de katholieken was hij een held omdat hij katholiek was. De socialisten zagen in Beethoven juist de rebel die zich niet lager achtte dan de adel voor wie hij componeerde; Beethoven werd de verpersoonlijking van de emancipatie.

‘Vanaf 1940 drongen de nationaalsocialisten hun Beethoven-beeld op. Zij benadrukten zijn Duitse afkomst en presenteerden hem als evenwichtig, sterk, mannelijk; dat hij antiautoritair was, werd weggelaten. Beethoven is in Nederland daarna nooit meer echt de rebel geworden. In de jaren zestig werd hij een icoon van de burgerlijkheid waar jongere generaties zich tegen afzetten. De status van klassieke muziek als surrogaat van religie nam sindsdien af, en dus ook de status van Beethoven.’

 
Naast uw werk als musicoloog heeft u jarenlang in een platenwinkel gewerkt. Welke Nederlandse Beethoven-vertolkers kunt u aanbevelen?
‘Ik vind Ronald Brautigam heel goed, die speelt Beethoven zowel op moderne vleugels als historische fortepiano’s heel overtuigend. Van de oudere generatie: de pianist Theo Bruins. De Diabellivariaties was zijn lijfstuk. En ik bewonder dirigent Bernard Haitink, vooral zijn recentere opnamen van de symfonieën. Hij is steeds beter in staat geworden om het ongemakkelijke in Beethovens muziek weer te geven. Haitink weet heel goed hoe je in Beethovens muziek de spanning moet verdelen.’